‘Sarah-rapport tot grond afgebrand’

Het rapport van de Zorgconsul naar de rol van de hulpverlening aan Joël S. (24) die verdacht wordt van de gewelddadige dood van de Amerikaanse studente Sarah Papenheim (21) in Rotterdam, wordt tot de grond toe afgebrand door een psycholoog en een psychiater. Dat bericht De Telegraaf vandaag.

De genoemde deskundigen zijn door advocaat mr. Sébas Diekstra, die de moeder van de doodgestoken Sarah bijstaat, ingeschakeld.

„Zij hebben het rapport van de Zorgconsul en de politierapporten met daarin de verklaringen van de betrokken wijkteammedewerkers bestudeerd. Hun conclusies zijn schokkend”, zegt Diekstra, die een nieuw onderzoek eist.

Vorige week presenteerde de Zorgconsul het zogenoemde leeronderzoek. S. bracht vorig jaar december in de Maasstad met 27 messteken zijn huisgenote om het leven. Volgens de Zorgconsul valt de hulpverlening niets te verwijten en had de dood van de psychologiestudente niet voorkomen kunnen worden.

„Zowel de psychiater als de psycholoog concluderen dat er een risicotaxatie had moeten plaatsvinden. In ieder geval op vrijdag toen een kennis van S. het meldpunt had gebeld en had gezegd dat hij dreigde zichzelf, maar ook anderen wat aan te doen. Dat ze dat vervolgens maandag ook nagelaten hebben nadat Sarah met het wijkteam had gebeld met de mededeling dat S. een seriemoordenaar wilde worden en had gezegd dat het ’tijd was voor wraak’, is voor hen onbegrijpelijk. Daarnaast zijn er grote twijfels of de wijkteammedewerkers voldoende geschoold waren om in een situatie als deze, waar zij te maken hadden met een hooggeschoolde, intelligente en creatieve man, adequaat konden beoordelen. In de politieverklaringen gaven ze aan geen diagnose te kunnen stellen.”

Volgens Diekstra heeft de Zorgconsul geen aandacht gegeven aan de beoordeling en de scholing van de wijkteammedewerkers.

„De psychiater vraagt zich af waarom er bij een concreet vermoeden van psychose en suïcidaliteit de vrijdag van de melding geen actie is ondernomen. Ze hadden daarbij de huisarts, de crisisdienst en al dan niet de politie moeten inschakelen.”